Reflectie De juiste tonus in de buikholtekalme geest

De juiste tonus (= balans tussen spanning en ontspanning) in de buikholte geeft ruimte voor een natuurlijke, vrije buikadem. De buikholte die begrensd wordt aan de voorkant door de buikwand met daarin de buikspieren, aan de achterkant door de onderrug met daarin de buitenliggende bewegingsspieren, aan de onderkant door de bekkenbodem die bestaat uit drie spierlagen met daarin bij de vrouw drie kringspieren en bij de man twee kringspieren en aan de bovenkant door het middenrif. Wat we meestal zien is dat de voorkant, de buik te slap is, de spieren te lang en dat de onderrug te gespannen is, de spieren kort. Dit heeft effect op de bekkenbodem: het achterste deel van de bekkenbodem is dan te gespannen, het voorste deel te slap. Dit geeft een disbalans in de bekkenbodem, het fundament van onze houding.

Juiste tonus brengen in al deze spieren betekent dat we onze buikspieren dienen te trainen, we kennen allemaal wel buikspieroefeningen. Dit mag een steeds terugkerende oefening zijn in je yogabeoefening. Juiste tonus brengen betekent ook de onderrug ontspannen op de onderrug rol. En dat ontspannen gaat niet zomaar. Door onze levensstijl (veel zitten, weinig bewegen) bouwen we iedere dag opnieuw spanning op in de rug zonder dat we dat zelf in de gaten hebben en verwordt die rug tot een soort harnas, dat laat je niet zomaar een twee drie los. Dus oefen met geduld. Verder het trainen van de hele bekkenbodem en de afzonderlijke kringspieren geeft de juiste tonus. Maar ook de bewustwording van de plaatsing van de voeten en heupgewrichten in het staan kan de juiste tonus brengen. Zodat de buikholte op een natuurlijke wijze wat uitzet bij de inademing, het middenrif zakt voor optimale ruimte voor de longen om zich te vullen; en op een natuurlijke wijze weer terugveert bij de uitademing, het middenrif omhoog, de longen leeg. De buikholte kan weer meedoen in de adembeweging, het middenrif kan optimaal uitslaan en de adem ondersteunen, het hart wordt ontlast. Maar ook het denken wordt ontlast: een vrije buikadem is een kalme adem. Is de adem kalm dan is de geest kalm.

Vind je deze reflectie mooi of interessant, of op een andere manier waardevol?
Meld je dan aan bij reflectie@yogabijsan.nl dan ontvang je de reflectie elke week in je mailbox.

*************************************************************************************************************************************

Reflectie De psychologie van de bekkenbodem bekkenbodem chakra

Continue spanning of slapte in de bekkenbodem heeft invloed op de fysieke houding en de adem. Omgekeerd heeft de houding invloed op de spanning of ontspanning in de bekkenbodem en dus op de adem. Plaatsing van de voeten en het bekken spelen hierin een rol. Maar ook het trainen van de bekkenbodemspieren en dan met name het afzonderlijk trainen van de kringspieren maken de bekkenbodem bewust en ondersteunen het lichaam en de adem, ook in de asana’s (yogahoudingen). De voorste kringspier ondersteunt de houding in de vooroverbuiging, de achterste kringspier ondersteunt de houding in de achteroverbuiging en de hele bekkenbodem in de ‘rechte’ houdingen. Het trainen van de hele bekkenbodem ondersteunt een diepe buikadem. Door de bekkenbodem bij de inademing los te laten en bij de uitademing actief aan te spannen worden we bewust van de adembeweging in de bekkenbodem.

Iemand zei: “ik kan het aanspannen van de bekkenbodem heel goed voelen maar niet het loslaten ‘’. Een andere opmerking: “ik blijf het moeilijk vinden om inademend los te laten, uitademend aan te spannen”. Als je kijkt naar de psychologie van de bekkenbodem vanuit de chakra leer dan is dat verklaarbaar. Het gebied van de anus is 1e chakra gebied: het gebied van veiligheid, kracht en gezondheid. Ons fundament zou je zeggen. Het gebied van de geslachtsorganen is het gebied van 2e chakra: het gebied van creativiteit, flexibiliteit, genot en angst. En we weten, angst zet vast. Angst beperkt onze ruimte in het lichaam, ruimte voor de adem. Als we dan kijken naar de adem dan is de inademing levensenergie opdoen, leven; de uitademing is loslaten, sterven het ultieme loslaten. Sta je angstig in het leven, waardoor de controleur in jou de hoofdrol speelt, dan is loslaten bij de inademing lastig. Aanspannen bij de uitademing gaat wel, want dat is iets doen. Loslaten is iets laten. Wat we kunnen oefenen is vertrouwen hebben in het leven stroomt zoals het stroomt, als tegendeel van angst. Maar ook: oefenen, oefenen, oefenen van de bekkenbodem. Inademend stroomt de ballon vol (bekkenbodem los) uitademend de ballon leeg (bekkenbodem aanspannen).

Vind je deze reflectie mooi of interessant, of op een andere manier waardevol?
Meld je dan aan bij reflectie@yogabijsan.nl dan ontvang je de reflectie elke week in je mailbox.

*************************************************************************************************************************************

Reflectie De bekkenbodem en de buikadembekkenbodem 2

De buikadem is een adembeweging die het middenrif optimaal inzet voor de toevoer van zuurstof in het lichaam. Een optimale adem voor je gezondheid. Bovendien is de buikadem een kalme adem die de geest kalmeert. Belangrijk dus, voor lichaam en geest, voor je hele welzijn. Als je kijkt naar de buikholte, dan wordt die begrensd aan de voorkant door de buikwand, met daarin de buikspieren. Deze spieren kunnen we inzetten voor de adembeweging in de buik. Aan de bovenkant wordt de buikholte begrensd door het middenrif, een gebied dat niet zo bewust is in ons brein. Aan de achterkant door de onderrug waar juist bij de meesten veel spanning zit, zonder dat we dat overigens zelf in de gaten hebben en aan de onderkant door de bekkenbodem, ook een gebied dat vrij onbewust is in ons brein. Maar de bekkenbodem kunnen we wel degelijk inzetten voor de adembeweging.

De bekkenbodem is een hangmatje van 3 spierlagen vanaf het schaambeen tot aan de stuit met daarin bij de vrouw 3 en bij de man 2 openingen en bijbehorende kringspieren die je kan aanspannen en loslaten. De voorste kringspier rondom de urinebuis, de achterste kringspier rondom de anus en in het midden bij de vrouw rondom de vagina, bij de man de spier in het perineum, die alle afzonderlijk te trainen zijn. Dit is belangrijk om een gelijkmatige spanning/ontspanning in de bekkenbodem te creëren zodat de adembeweging diep in de buik kan komen. Bovendien is de bekkenbodem het fundament van ons lichaam. Te samen met de voetbogen, het middenrif, de onderkaak en bovenkaak vormt het 5 diafragma’s in het lichaam die onderling verband houden. De plaatsing van de voeten bepaalt waar er spanning of ontspanning in de bekkenbodem is: geopende voeten geeft spanning aan de achterzijde, grote tenen naar elkaar geeft spanning aan de voorzijde, rechte voeten geeft balans. De houding van het lichaam heeft invloed op de toestand van de bekkenbodem: het bekken naar voren en ronde rug geeft spanning aan de achterzijde, een militaire rug met de borst eruit getild, de ribboog naar voren geeft spanning aan de voorzijde. De heupgewrichten boven de enkels, een ontspannen natuurlijke holling in de onderrug, de ribboog ingenomen, borstbeen laag, maar de borst geopend aan de voorzijde, geeft balans. En vanuit balans kunnen we de bekkenbodem naar behoefte aanspannen of loslaten zodat de adembeweging diep in het lichaam kan komen tot in de buikholte.

Vind je deze reflectie mooi of interessant, of op een andere manier waardevol?
Meld je dan aan bij reflectie@yogabijsan.nl dan ontvang je de reflectie elke week in je mailbox.

*************************************************************************************************************************************

Oudere berichten »