Reflectie De Mula Bandha, de juiste tonus in de bekkenbodemmulha_bandha_yoga_anatomy

De Mula Bandha is het onderste diafragma van het lichaam die het fysieke lichaam ondersteunt en tegelijkertijd is het een slot of sluis voor de energiestroom in het lichaam. Het brengen van de juiste tonus in de bekkenbodem activeert de Mula Bandha. Dat betekent dat de gehele bekkenbodem met daarin bij de vrouwen de drie kringspieren, bij de mannen de twee kringspieren en het perineum gelijkmatige spanning/ontspanning hebben. Spanning in de rug en dan met name in de buitenliggende bewegingsspieren van de rug brengen spanning in de achterste kringspier, de kringspier rondom de anus. Die spanning aan de achterkant geeft een disbalans in de bekkenbodem, de voorste kringspier, de kringspier rondom de urinebuis is dan slapper en die verslapping aan de voorkant geeft slapte in de buikspieren, de innerchore en de Uddiyana Bandha, het middenrif. Die laatste heeft ook een dragende en energiebeheersende functie. We kunnen de buitenliggende bewegingsspieren van de rug ontspannen en tegelijkertijd de dragende spieren in het lichaam trainen. Maar het bewustworden van de bekkenbodem met daarin de kringspieren die we afzonderlijk kunnen aanspannen en loslaten is de basis. De Mula Bandha is het fundament van ons fysieke en ons energetische lichaam.

Vind je deze reflectie mooi of interessant, of op een andere manier waardevol?
Meld je dan aan bij reflectie@yogabijsan.nl dan ontvang je de reflectie elke week in je mailbox.

*********************************************************************************************************************************

Reflectie Een vrije achteroverbuigingkameel-300x300

In het dagelijkse leven maken we niet zoveel achterover buigingen, we zitten voornamelijk voorover gebogen. Met als gevolg kromme en stroeve ruggen. Om een soepele achteroverbuiging te kunnen maken hebben we ten eerste een vrije onderrug nodig. Een stroeve en stijve onderrug geeft vaak een knik in het midden van de rug of in de nek bij een achteroverbuiging. Het vrij maken en ontspannen van de buitenliggende bewegingsspieren in de onderrug geeft ruimte aan de hele wervelkolom tot in de nek. Maar ook het ontspannen van de bilspieren en de psoas , die loopt vanaf de lendenwervels tot aan het bovenbeen en het ontspannen en lengte geven aan de bovenbeenspieren geven ruimte en souplesse voor de achteroverbuiging. Tegelijkertijd dienen de dragende spieren in de bekkenbodem, inner tube en middenrif getraind te worden om ons lichaam te ondersteunen.

Psychologisch gezien geeft de ontspanning in de onderrug, bilspieren en bovenbenen ruimte aan de adem diep in de buik. Deze adem laat je thuis zijn in jezelf, goed geaard, gezond en sterk. En vanuit die geaardheid kun je een achteroverbuiging maken en de borst openen. Zodat de adem ruim in de borst kan stromen; deze adem verbindt je met de wereld rondom vanuit compassie en liefde. Achteroverbuigingen geven bovendien druk aan de achterzijde van de wervelkolom zodat daar meer doorbloeding komt en ruimte voor doorstroming van energie. Er kan optimaal prana stromen door het hoofdenergieknaal Sushumna die door de wervelkolom loopt. Levensenergie die ons vitaal maakt en houdt.

Vind je deze reflectie mooi of interessant, of op een andere manier waardevol?
Meld je dan aan bij reflectie@yogabijsan.nl dan ontvang je de reflectie elke week in je mailbox.

*********************************************************************************************************************************

Reflectie Een mobiele rugwervelkolom-zijaanzicht

De natuurlijke loop van de wervelkolom heeft bij de nek, de nekwervels een lichte holling, bij de bovenrug, de borstwervels een lichte bolling, bij de onderrug, de lendenwervels een lichte holling, het heiligbeen komt weer wat naar buiten en de staartwervels gaan dan naar beneden en weer wat naar binnen. Een mobiele, soepele maar sterke rug volgt idealiter dat natuurlijke verloop van de wervelkolom. Maar door spanning in de rug en dan met name in de buitenliggende bewegingsspieren, is de rug stroef en stijf en krom. Je zou daar 2 typen in kunnen onderscheiden: de afgevlakte onderrug (verlies van die natuurlijke holling bij de lendenwervels) met als gevolg een kromme bovenrug, het hoofd naar voren en om dan nog recht naar voren te kunnen kijken de knik in de nek. Bij dit type zie je dat de spanning in de onderrug schouderklachten kan veroorzaken maar ook in de nek. Een ander type is de zogenaamde militaire rug: een holle onderrug met het eruit tillen van de borst. Met name kleine mensen die zich groter voor willen doen hebben deze rug. Bij beide typen rug is er sprake van spanning in de buitenliggende bewegingsspieren en verlies van kracht in de dragende spieren. Die spanning maakt de rug tot een soort harnas, zonder dat je dat zelf overigens in de gaten hebt. Dat harnas is er niet voor niets, de rug is de beschermende kant van het lichaam. De remedie om dan de buitenliggende spieren te gaan ontspannen op rolletjes, ballen en strips is een remedie van de lange adem. Met zeer veel geduld en liefde uit te voeren, maar wel zeer regelmatig. Maar dan zijn we er nog niet.

Tegelijkertijd is herstel nodig van de dragende spieren in het lichaam. Deze zitten in de bekkenbodem (mula bandha) , de buik (inner tube), en het middenrif (uddiyana bandha). Het trainen van deze dragende spieren geeft de rug de kans te ontspannen. Zodat de dieper gelegen houdingsspieren rondom de wervelkolom kracht kunnen gaan ontwikkelen en de wervelkolom vrij kan bewegen, prana vrij kan stromen door de hoofdnadi’s, de energie vrij kan stromen door de chakra’s langs de wervelkolom. Dan voelen we ons vitaal en vol leven.

Vind je deze reflectie mooi of interessant, of op een andere manier waardevol?
Meld je dan aan bij reflectie@yogabijsan.nl dan ontvang je de reflectie elke week in je mailbox.

*********************************************************************************************************************************

Oudere berichten »